Rouvoet: Niet het aantal zetels is doorslaggevend juni 7, 2008
Posted by nvda in Nieuws.Tags: Rouvoet, Rutte, Homoseksuele, Middeleeuwen
trackback
André Rouvoet en zijn ChristenUnie liggen sinds de deelname aan de coalitie met CDA en PvdA onder een vergrootglas. Homoseksuele partijleden, de wachtlijsten in de jeugdzorg en –afgelopen week– de embryoselectie: de partij lag bij al deze onderwerpen onder vuur. Voldoende reden voor lezers om per e-mail vragen te stellen aan de vice-premier.
’Waar is Rouvoet, die hangt als een zwarte wolk boven dit debat”, zei VVD-leider Rutte donderdag in de Tweede Kamer toen de fractie van de ChristenUnie en staatssecretaris Bussemaker op de grill van de oppositie lagen. André Rouvoet zat enigszins gespannen in zijn werkkamer, vanwaaruit hij zijn portefeuille jeugd en gezin bestiert, naar het debat te luisteren. De embryoselectie heeft de coalitieverhoudingen op scherp gezet en dan luistert elk woord van coalitiepartijen en Bussemaker bijzonder nauw.
Veel lezers begrijpen u niet. ’Terug naar de Middeleeuwen’, schrijft de één. Een ander vraagt: staat u over twintig jaar aan het graf van mijn dochter?
„Niemand hoeft mij te vertellen wat het betekent een erfelijke aandoening te hebben in de familie, ik weet daar alles van. Ik begrijp dat vrouwen en echtparen die heel lang gewacht hebben ontzettend blij waren dat er vorige week ineens een brief op de mat lag dat de pre-implantatie genetische diagnostiek naar andere ziekten werd uitgebreid. Tegelijkertijd is het ook de plicht van de politiek een afweging te maken met andere zwaarwegende belangen. Moeten we embryo’s vernietigen, waarvan we niet zeker weten of ze die aandoeningen ook krijgen, waar wellicht behandelingen voor mogelijk zijn? Dat is een reële vraag.”
„Dat is niet alleen het standpunt van de ChristenUnie, maar ook van wetenschappers. Die zijn sterk verdeeld over de vraag of we dat wel moeten doen. Het maakt toch echt verschil of je 100 procent zeker weet dat je een ziekte krijgt of dat je maar 80 of 50 procent kans hebt op een aandoening. Dit is een principiële vraag die de samenleving moet beantwoorden: of we embryo’s moeten vernietigen voor een kleinere kans op een ziekte.”
Bekijk de beelden van het lezersinterview: deel 1

Brievenschrijvers vinden het fout dat de ChristenUnie met zes zetels iets tegenhoudt wat een zeer grote meerderheid van de mensen wil.
„Het aantal zetels dat je vertegenwoordigt is niet doorslaggevend voor de vraag of je met elkaar na een zorgvuldig debat tot een conclusie kunt komen dat je als kabinet gezamenlijk kunt dragen. Zo komen coalities tot stand, op basis van standpunten en overeenkomsten. Naarmate zaken zwaarder liggen, vereist het debat grotere zorgvuldigheid. Ik heb ook de reacties gehoord van oud-minister Borst en haar partij D66. Die fractie had ooit eenzelfde aantal zetels als de ChristenUnie nu en veroorzaakte een kabinetscrisis over de gekozen burgemeester, terwijl de rest van de Kamer er geen behoefte aan had. Het gaat hier niet om electorale belangen, het gaat om de inhoud, het is voor iedereen een principieel en zwaarwegend onderwerp en dat debat willen we integer en zorgvuldig voeren. En tegen de VVD en D66 zeg ik, dat ik ze de afgelopen twee jaar ook niet heb gehoord.”
De ChristenUnie wist toch dat CDA en PvdA minder moeite hebben met abortus, dus ook met embryoselectie, stellen lezers. Waarom dan in zo’n kabinet gestapt?
„Die vraag is vorig jaar, voordat we het coalitieakkoord sloten, uitvoerig aan de orde geweest. Het medisch-ethisch beleid van dit kabinet ademt echt een andere sfeer dan in voorgaande periodes, zeker als je het vergelijkt met Paars in de jaren negentig. In dit coalitieakkoord is, voor het eerst, de beschermwaardigheid van het leven opgenomen. Dat heeft te maken met onze deelname, daar hebben we goede afspraken over gemaakt. We wisten en weten dat de drie partijen niet gelijk denken over zaken als leven en dood. De CU aanvaardt op bepaalde punten een status quo, maar we wilden wel dat er iets tegenover stond, positieve maatregelen rond abortus provocatus. Als je het coalitieakkoord er nog eens bij pakt, zie je dat de geest daarvan is: we gaan geen nieuwe stappen zetten. Dat was nadrukkelijk onze voorwaarde om in het kabinet te stappen.”
Als u het zo formuleert is er ook geen oplossing mogelijk ten aanzien van embryoselectie?
„Daar kan ik niet op vooruitlopen. Ik heb gezegd: ik weet nog niet waar die ruimte zou kunnen zitten, maar ik ben bereid er serieus naar te kijken. Ik zie de belangen die in het geding zijn, maar ik wil gelegenheid hebben om er over te spreken in het kabinet en die had ik vorige week niet.”
Een ander onderwerp. Lezers maken zich zorgen over de kinddossiers. Er gaan spookverhalen rond. Wie mag er in kijken?
„Ik erken dat er spookverhalen de ronde doen, soms in stand gehouden vanuit de politiek, alsof er bakken informatie voor allerlei instanties bijkomen. Het elektronisch kinddossier is niets anders dan wat iedere vader en moeder in het land kent als de gegevens die consultatiebureaus en de jeugdgezondheidszorg verzamelen om hun werk te doen. Tot dusver deden ze dat op papier. Dat ging soms fout, bij verhuizingen bijvoorbeeld. Nu willen ze dat per computer doen. Het dossier is niet van mij, maar van de consultatiebureaus.”
Misschien vertrouwen mensen de overheid niet?
„De overheid heeft er helemaal niets mee te maken. Iemand van een consultatiebureau is geen overheidsdienaar. Een consultatiebureau wil één ding: ouders en kind ondersteunen. En als er problemen zijn, melden ze dat. Andere instanties krijgen geen toegang, dat heb ik van het begin af aan gezegd. ”
Bekijk deel 2 van dit lezersinterview

Lezers maken zich zorgen over de invloed van televisie op hun kinderen. De jeugd lijkt op hol geslagen? Wat gaat u daaraan doen?
„Niet meneer Rouvoet gaat dat doen, de eerstverantwoordelijke voor de media is mijn collega Plasterk. Het is wel een onderwerp waarin we samen optrekken. In de eerste plaats hebben media hun eigen verantwoordelijkheid. Ouders en jeugdigen hebben eigen verantwoordelijkheid. Daar gaat de overheid niet over, dat gebeurt gewoon thuis in de woonkamer. Over televisie en internet maak je thuis afspraken. Ouders voeden zelf hun kinderen op. Het is een groot goed dat de overheid als uitgangspunt heeft: terughoudend zijn met de bemoeienis met wat er op televisie komt en in andere media.”
„Het is wel reden om ons zorgen te maken. Plasterk is er als eerste over begonnen in zijn nota emancipatie. Er zijn nogal wat elementen in de jeugdcultuur die aandacht behoeven, zoals drankmisbruik, drugs, overgewicht, uitwassen in de seksualiteitsbeleving. We kennen allemaal de verhalen over breezer-seks. Er liggen verbindingen met wat jeugdigen te zien krijgen. Reden dat het kabinet zich zorgen maakt.”
Leidt dat tot gesprekken met ’Hilversum’?
„Dat in ieder geval. Er is een expertise-educatiecentrum gekomen, waar je kunt leren hoe je om moet gaan met media, hoe je kijkgedrag in voorlichtende zin kunt bevorderen. En we praten met de media over de grenzen van wat je biedt, over zelfregulering en gedragscodes. Dit is niet nieuw. Doen we ook met alcoholreclames, tabaksreclames. Het is in ieders belang te voorkomen dat jeugdigen daar slachtoffer van worden. Daarnaast willen we ouders die denken dat ze dit nodig hebben, een steuntje in de rug geven, helpen via opvoedingsondersteuning.”
Bekijk deel 3 van het lezersinterview

Eén lezersvraag betreft uw godsbeeld. Wat is uw beeld? Een strenge vader of een God met mededogen voor de mens?
„Ik ken geen andere God dan een liefdevolle God, die het beste voor heeft met de mensen die Hijzelf gemaakt heeft. Dat is het godsbeeld waar ik ieder moment van de dag terecht kan.”
Dan vragen lezers: hoe is het mogelijk dat de ChristenUnie moeilijk doet over mensen die de homoseksuele liefde zijn toegedaan. Zij zijn toch ook schepselen van de Heer?
„Absoluut, vandaar ook dat wij er geen twijfel over laten bestaan dat alle mensen voor God gelijk zijn. Maar de discussie waar u op doelt is een andere. Of ze op volwaardige wijze mee kunnen doen in de ChristenUnie. Ik geloof dat er geen onduidelijkheid bestaat hoe de ChristenUnie denkt over het huwelijk. Wij vinden dat God ons duidelijke regels heeft meegegeven over het samenleven van mannen en vrouwen. Vanuit bijbelse visie zijn we het niet eens met de openstelling van het huwelijk voor mensen van het gelijke geslacht.”
Kunnen homoseksuelen gelijkwaardig meedoen in de ChristenUnie?
„Wij staan niet bij de poort van de ChristenUnie met een lijstje of u homo bent of niet. De ChristenUnie telt homo’s onder haar leden en die doen volwaardig mee. Bij ons is niet het criterium: hetero of homo. We hebben er maar één: ben je bereid je te conformeren aan het uitgangspunt van de ChristenUnie, namelijk dat we de Bijbel als basis nemen bij het bedrijven van christelijke politiek. Er kunnen allerlei aspecten zijn waar de vraag opkomt of dat past bij de boodschap van de ChristenUnie, bijvoorbeeld als iemand elke zaterdag zijn afval dumpt in het bos. Kan zo iemand geloofwaardig het milieustandpunt van de ChristenUnie uitdragen?”
„Een commissie van onze partij concludeerde onlangs dat er in algemene zin slechts één criterium geldt: de politieke geloofwaardigheid. Als mensen kiezen voor een relatie die niet beantwoordt aan wat de bijbel voorschrijft, dan levert dat spanning op met de politieke geloofwaardigheid, omdat je dan een politieke boodschap moet uitdragen die je zelf niet waarmaakt.”
Bekijk deel 4 van het lezersinterview: Christelijk beleid
André Rouvoet: „Wij maken geen ruzie, zoals je in kranten leest, maar we hebben wel uitgesproken opvattingen.”
Dus als iemand in geweten zijn homo-relatie wel kan verantwoorden, zou het kunnen?
„Ik doe daar niet op voorhand een uitspraak over. De commissie zegt: wij maken geen onderscheid tussen homo’s en hetero’s. Mocht zich een vraag voordoen ten aanzien van de geloofwaardigheid dan is er maar één plek waar die besproken wordt: in het gesprek met elkaar, daar ga ik niet op vooruitlopen.”
De partij beslist toch?
„Dat is bij andere politieke partijen niet anders. Ik herinner mij dat bij de laatste Kamerverkiezingen de PvdA en CDA twee Turkse kandidaten van de lijst schrapten vanwege hun opvattingen inzake de Armeense genocide. Dat stond haaks op wat de partijen vonden en dat raakte hun politieke geloofwaardigheid. In de ChristenUnie is het geen relevant gegeven of je poelier bent, bij de Partij van de Dieren zal dat wel een relevant gegeven zijn. Bij het homohuwelijk is het dus een legitieme vraag of een getrouwde homo de ChristenUnie kan vertegenwoordigen. Dat levert spanningen op, dus ga je er over praten.”
Voelt de ChristenUnie zich nog steeds happy in de coalitie?
„Ja zeker, ik kan niet op voorhand combinaties bedenken waarvan ik zeg: we zijn het op voorhand over alles eens. Ik kan wel combinaties bedenken waar ik veel meer problemen en conflicten voorzie dan bij de huidige met CDA en PvdA. We hebben het moeilijk gehad met het ontslagrecht, we hebben stevige discussies gevoerd over een aantal andere onderwerpen, maar de verhoudingen binnen het kabinet zijn buitengewoon goed, ook als het over onderwerpen gaat als embryoselectie. Wij maken geen ruzie, zoals je in kranten leest, maar we hebben wel uitgesproken opvattingen, maar of ik nou met Wouter Bos, Jan Peter Balkenende of staatssecretaris Bussemaker spreek, we hebben inhoudelijke discussies die ons heel erg aan het hart gaan. Dat moet ook kunnen en volgens mij is er nooit een kabinet geweest waar het anders ging.”
Reacties»
No comments yet — be the first.